Wie zijn we

We zijn christenen van verschillende kerkelijke achtergrond, en we houden van God, mensen en de Bijbel.

Donna 

Ik ben half Nederlands / half Arubaans en ben opgegroeid in een niet christelijk gezin. Voor mijn bekering was ik homoseksueel, had kortdurende relaties en leidde ik een vrijgevochten bestaan. Na mijn radicale bekering zijn ik en mijn zendingspartner naar Zuid-Afrika gegaan om zendingswerk te doen. Ondanks dat God mij meteen na mijn bekering door Zijn Geest duidelijk maakte dat Hij niet wilde dat ik mijn homoseksuele gevoelens zou praktiseren, en ik gehoorzaamde, bleef ik mij aangetrokken voelen tot vrouwen in mijn hart.

Na terugkeer van het zendingsveld heeft God mij in een jarenlang proces geleerd mijn identiteit niet te definiëren op grond van mijn seksualiteit, maar op grond van het feit dat ik Zijn kind ben. Uiteindelijk heeft Hij zelfs een ommekeer in mijn hart teweeg gebracht en voel ik mij tegenwoordig meer aangetrokken tot mannen. Maar bovenal heb ik een passie voor mijn Heer Jezus! Ik ben single, leef celibatair en ben woonachtig in Amsterdam. Ik studeer theologie, ben pastoraal counselor, heb o.a. jongeren met SSA (Same Sex Attraction) gecounseld en heb een passie om anderen te helpen, in het bijzonder jonge mensen.

Keesjan

Vanaf mijn tienerjaren was ik mij bewust dat ik anders was, dat ik niet op meisjes viel maar op jongens. Hier had ik niet voor gekozen en ik wilde geen homoseksuele gevoelens. Toch nam God, na veel gebed, deze gevoelens niet weg.

Ik heb mijn leven aan de Heer Jezus toegewijd en heb o.a. 11 jaar hulp verleend aan mensen met verslaving op Bonaire. In de video ‘Keesjan vertelt’ vertel ik je meer over mijn leven, mijn passie voor Jezus en voor mensen.

Pieter

Al vanaf mijn tienerjaren voel ik me exclusief aangetrokken tot mannen. Het beseffen en erkennen dat je op mensen van hetzelfde geslacht valt is een enorme worsteling voor mij geweest. Het heeft mij intensieve jaren gekost om uiteindelijk dat kruis een goede plaats te geven en openlijk over mijn gerichtheid te kunnen spreken. God sprak echter heel troostrijk en zei: ‘Mijn genade is voor jou genoeg; want Mijn kracht wordt in jouw zwakheid volbracht’. Dat is de reden waarom ik celibatair wil en kan leven. Ik geloof dat we zoveel rijker zijn als we Jezus volgen, ongeacht de kosten!

Het is voor mij heel belangrijk dat er openheid komt op het thema homoseksualiteit en de diversiteit die daar omheen bestaat. Niet om, zoals je om je

 

heen ziet, te kunnen leven zoals je maar wilt of waarbij je je goed voelt. Maar juist om anderen die met hun seksualiteit of identiteit worstelen beter te begrijpen, te ondersteunen en naast hen te staan. Een Christelijke kerk of gemeente moet een veilige plek zijn voor elke christen met haar of zijn eigen versie van gebrokenheid, waar we elkaar bemoedigen ‘om niet meer voor zichzelf te leven, maar voor Hem Die voor hen gestorven en opgewekt is’.  Daar hebben singles en getrouwden dezelfde volwaardige plaats, ook degenen die voor het koninkrijk van God kiezen celibatair te leven. Te vaak worden ‘we’ weggekeken, wordt ‘het’ verzwegen of weet ‘de ander’ niet wat hij of zij moet zeggen… 

Mijn wens en gebed is dat er liefdevolle aandacht is en blijft voor hen die, wellicht een leven lang, te strijden hebben met hun geaardheid, ongeacht hun persoonlijke keuzes. Hier op YouTube deel ik iets meer over mijn leven.

Hanna

Rond mijn achttiende ontdekte ik dat ik me aangetrokken voelde tot vrouwen. Dat was confronterend! Eerst dacht ik dat het wel zou overgaan, maar deze gevoelens bleken zo sterk en diep geworteld te zijn.

Opgegroeid in een christelijk gezin koos ik op jonge leeftijd voor de Here Jezus. Het geloof is altijd belangrijk voor me geweest, alhoewel het tot mijn achttiende vooral ‘in mijn hoofd’ zat.

Ik ging al vroeg op kamers wonen. In die tijd leerde ik mijn vriendin kennen. Onze relatie groeide uit tot een emotioneel afhankelijke relatie waarbij lichamelijk contact na een tijdje erotisch werd. Het maakte me bewust van mijn gevoelens voor vrouwen. Een heftige verwarrende tijd. Een ding was voor mij wel zeker: een lesbische relatie kon ik niet verenigen met mijn geloof.

Omdat ik vastliep, zocht ik hulp. De pastorale counseling die ik heb gevolgd, is zo tot zegen geweest. Het gaf inzicht in mezelf en in mijn homo-gevoelens. Ook ontdekte ik vanuit de Bijbel wat mijn ware identiteit is. Niet: ik ben homo, maar: ik ben Gods kind. Dit was zo belangrijk voor mij. Het was in die tijd alsof het geloof van mijn hoofd naar mijn hart zakte.

 

Ik hoopte dat homo-gevoelens nu zouden veranderen in hetero-gevoelens. Dat gebeurde niet. Het kostte moeite te accepteren dat ik alleen zou blijven. Ik ontdekte echter dat ik in Gods ogen volwaardig mens ben: ongetrouwd of getrouwd.

Gaandeweg merkte ik dat mijn homo-gevoelens verbleekten. Verliefdheden namen af, waren minder intens. Het beheerste mij steeds minder. Dit voelde als een bevrijding. Rond mijn dertigste merkte ik een interesse in mannen. Alsof ik seksueel ‘ontwaakte’, als een verlate puberteit. Ik werd voor het eerst verliefd op een man. Dit was wederzijds. Onze vriendschap groeide uit tot een vaste relatie en we trouwden. Prediker 4:12 is voor ons altijd leidend geweest: Een drievoudig snoer wordt niet spoedig verbroken. Samen met Hem onderweg zijn, dat is nog steeds ons uitgangspunt. Hem zij alle glorie!

* Vanwege privacy is naam en/of foto veranderd

Johan

Ik leefde volledige in de homoscene. Ik reisde naar grote steden en kwam veelvuldig in homobars. Ik had veel wisselende contacten. Toen kreeg ik een vaste relatie. Drie jaar lang leefde ik met een vaste vriend. Bij homoseksuele gevoelens gaat het niet alleen maar om je seksualiteit, heel je persoonlijkheid doet eraan mee. Was ik toen gelukkig? Jazeker! Wanneer je verliefd wordt op iemand vind je dat fijn. Ik vond het fijn om zo te leven.

Maar ik ging steeds meer aan mijn levensstijl twijfelen. Ik kwam steeds meer in de knoop met wat de Bijbel erover zegt. Ik praatte het wel goed, maar uiteindelijk kwam ik toch tot de conclusie dat het niet langer zo kon. Ik ben een weg van verandering gegaan. Het begon met een verandering in mijn denken. Sinds ik Jezus ken, mag ik geloven en weten dat ik voor honderd procent een nieuwe schepping ben. Al het oude, dat ik nog voel en dat zeker nog bestaat, mag ik als gekruisigd beschouwen.

 

Ik denk dat dit voor iedere christen ontzettend belangrijk is. Niet je gevoelens zijn het uitgangspunt, maar wat God zegt over jou. En dan leren leven vanuit die nieuwe identiteit.

Drukte ik daarmee mijn homofiele gevoelens weg? Nee. Maar ik heb hen een andere plek in mijn leven gegeven. Dat seksualiteit bij sommigen fluïde is, is een bekende feit. Anderen bidden en smeken om verandering maar er gebeurt niets. Dat zorgt voor heel veel frustratie en verdriet. Ik heb al de worstelingen van dichtbij meegemaakt.

Daarom moeten we ook niet de nadruk leggen op de verandering naar heteroseksualiteit maar naar de beeld van Jezus Christus. Ik zie ook het belang van goede vriendschap, van niet-emotioneel afhankelijk zijn van de ander en van op de juiste wijze man of vrouw durven zijn. Mijn leven is een wandeling met God. Dat blijft zo mooi. Dagelijks met God praten en vanuit het geloof in Hem leven. Dat heb ik intact weten te houden en dat geeft innerlijke rust en vrede.

Philip

Ik ben half Nederlands / half Brits. Mijn opleiding en werk waren wiskunde en statistiek maar mijn passie is Jezus te volgen, Gods Woord te bestuderen en toe te passen op ons dagelijks leven. Samen met mijn vrouw, Anneke, hebben we ons in Colombia 15 jaar beziggehouden met evangelisatie en pastoraal werk, bijbelonderwijs en het stichten van christelijke gemeentes. Vanaf 2007 wonen we met onze 4 kinderen in Nederland.

Dedurende de laatste 10 jaar heb ik een groeiende zorg en bewogenheid voor christenen die homogevoelens hebben, en recent ook voor mensen die genderdysforie ervaren. Heeft God in de Bijbel ons hier ook licht op gegeven? In September 2019 is een uitgebreide en geheel herziende editie van mijn boek: Homoseksualiteit – Bijbels-pastorale overwegingen in de 21ste eeuw uitgegeven. Op dit moment dien ik als een van vier oudsten in een christelijke gemeente in Eindhoven. 

Geert-Jan

Al van jongst af aan ervaar ik een groot verlangen naar verbinding met anderen. Door een disfunctionele, onveilige opvoeding en mijn beeldvorming van een ‘straffende god’, ontwikkelde ik een duistere en eenzame seksuele kijk op mijzelf en anderen. Voorwaardelijke liefde was het grote thema in mijn jonge jaren. ‘Ik ben niet goed genoeg, mijn fouten zijn onvergeeflijk en ik ben ongewenst.’ Dit geloof resulteerde in verslaving, diepe gevoelens van schuld en schaamte, sociaal isolement en een toekomstbeeld zonder hoop.

Rond mijn 20ste kwam God mijn woonkamer in Groningen binnen, en spoelde mijn geloof in voorwaardelijke liefde weg. Hij stortte een fundamenteel besef van Zijn onvoorwaardelijke liefde als Vader in mijn diepste zijn. Ik ontving van God een nieuwe identiteit van ‘zoon van de Vader’.

eDaarna volgende een lange periode waarin ik probeerde vast te houden aan de overlevingsmechanismen die ik opgebouwd had en mij hielpen te kunnen omgaan met de liefdeloosheid in mijn jeugd. Jarenlang heb ik geprobeerd mijn homoseksuele identiteit samen met mijn identiteit als Zijn zoon vast te houden. Mijn homoseksuele identiteit gaf ik o.a. vorm in de gayscene van Utrecht en Amsterdam, maar ook door relaties met mannen. Ik bleef proberen het gemis van mijn vaderloze jeugd te vullen met andere mannen in plaats van te vertrouwen op Gods onveranderlijke genade en trouw voor mij.

Sinds anderhalf jaar ben ik die homoseksuele identiteit aan het loslaten en leer ik steeds meer vertrouwen op Gods trouw. Op wat Hij zegt wie ik ben en Zijn plan voor mijn hele leven. Dat ik geen vervulling vind in mijn zelfgecreëerde identiteit, maar zal leven vanuit zoonschap. Dat is de ware identiteit waarop echte verbinding met God, mijzelf en anderen kan plaatsvinden. In mijn video ‘Geert-Jan, homo en christen‘ deel ik meer over mijn leven.

 

In het dagelijks leven sta ik voor de klas in het basisonderwijs. Ook op andere manieren mag ik regelmatig met kinderen en hun ouders optrekken.

Vandaag staat al bij heel jonge kinderen seksuele vorming op het programma. De vraag is niet óf hun denken over relaties en seksualiteit gevormd wordt maar hoe en door wie. De heersende norm in de samenleving relativeert steeds meer de verschillen tussen jongens en meisjes. Kinderen leren dat ze zelf mogen kiezen wie en wat ze zijn en hoe ze relaties vorm geven.

In ben er van overtuigd dat de Bijbel een heel andere weg wijst en dat we de verantwoordelijkheid hebben om kinderen deze weg te wijzen.

 

God de Schepper maakte alle dingen volgens een prachtig plan. Daarover heb ik in 2020 en boek geschreven, ‘Een prachtig plan’. Dit boek is een hulpmiddel om aan de hand van de Bijbel met kinderen in de basisschool-leeftijd in gesprek te gaan over het huwelijk, echtscheiding, homoseksualiteit en genderidentiteit.

Ik vind het bijzonder dat ik mensen mocht leren kennen die zelf homoseksuele gevoelens ervaren en die daarin hun weg met de Heere Jezus willen gaan. Hun getuigenisen bemoedigen mij dat er met God altijd een begaanbare weg is maar leren mij ook dat het belangrijk is om een open oor en hart te hebben voor wie met deze gevoelens worstelt.

 

Chris

Verwerping heeft een grote rol gespeeld in mijn leven. Al in mijn vroegste herinneringen was er geen goede band tussen mijn vader en mij. Wat hier de precieze oorzaak van is, heb ik nooit echt kunnen achterhalen. Waarschijnlijk was mijn afwerende, afstandscheppende houding mijn antwoord op de onveiligheid en kilte die ik in zijn nabijheid ervaarde.

In feite verwierp ik mijn vader. Ik trok meer naar mijn moeder. Wat ik destijds niet doorhad, maar me later met hulp van anderen wel bewust werd, was dat ik, met het verwerpen van m’n vader, ook alles verwierp wat bij hem hoorde: mannelijkheid, man-zijn en dergelijke. Ook het mannelijke in mezelf. Grote delen van mijn identiteit verwierp ik; wilde niks van mezelf als man weten.

Nu heeft God gelukkig in ieder mens een diep verlangen naar heelheid gelegd. Ook in mij. Ik merkte dat ik sterk aangetrokken werd tot iets dat ik diep van binnen verwierp: mannelijkheid. Er was een grote ‘honger’ op dat gebied. Een honger die gestild móest worden. In de puber¬teit is dit verlangen seksueel vertaald gaan worden. Aan vrouwen of meisjes dacht ik niet. Er ontwikkelde zich een patroon waarbij ik over mannen fantaseerde, me voorstelde dat er liefde aan mij gegeven werd. Uiteindelijk vond ik niet de verzadiging in mijn man-zijn waar ik zo naar zocht, hoewel ik er -in mijn beleving- tijdens homofiele fantasieën soms vlakbij leek te zijn…

Steeds meer ging ik met mijn problemen in gebed naar God toe. Langzaamaan leerde ik Zijn genade te aanvaarden. Ik kreeg steeds meer in gaten dat ik een probleem had met ontvan¬gen. Ik was ingesteld op ’tot me nemen’. Geven en ontvangen zonder bijbedoelingen is liefde. En daarvan had ik weinig begrepen. God is de Schepper van het mannelijke en vrouwelijke. Híj wil in mijn nood voor¬zien. Ik ging een gesprek aan met mijn vader, waarin ik hem zijn afwijzende houding naar mij toe vergaf, dat hij niet de vader was geweest zoals God het vaderschap bedoeld heeft. Ook vroeg ik aan mijn vader vergeving voor het feit dat ik voor hem niet de zoon was geweest zoals God het zoonschap bedoelt.

Ik leer in de stilte bij God te zijn. De combinatie van diep buigen in gehoorzaamheid voor Hem en verwachtingsvol opzien naar Hem die onze liefdevolle Schepper is, heeft mij verder gebracht richting identiteitsherstel. Ik koos ervoor om mezelf te aanvaarden, m’n man-zijn te aanvaarden. Dit herhaalde ik vaak en sprak het als het ware steeds tegen mezelf uit. Ik strek me verder uit naar dieper herstel. Dat wat vroeger door anderen en later ook door mezelf werd weggedrukt, namelijk mijn eigen mannelijke identiteit in al zijn unieke kleuren, maakt deel uit van wie ik ben en mag erbij horen en de volle ruimte krijgen. Ik dank God voor de trouwe en liefdevolle weg van herstel die Hij met mij gegaan is.

* Vanwege privacy is naam en/of foto veranderd